Philips vs Pozidriv in een oogopslag

KenmerkPhilipsPozidriv
UitsparingKruisvorm, ondiepe sleuvenKruisvorm + 4 extra stergleufjes, dieper centrum
GripGoed, zelfcentrerendBeter, minder kans op uitschieten
Werkt best metSchroevendraaier (handmatig)Schroefboormachine (elektrisch)
SnelheidIets sneller, minder secuur werkenMeer grip, beter voor kracht zetten
Populair inAmerika, auto-industrieEuropa (meest gebruikte schroefkop)
Typische toepassingGipsplaten, snelle montageSpaanplaat, constructief werk
Let opNooit met Pozidriv bit gebruikenNooit met Philips bit gebruiken

We kunnen niet meer zonder kruiskop

‘De wereld hangt met kruiskopschroeven aan elkaar’, is een wat overdreven uitspraak, maar het zijn wel veruit de meest toegepaste schroeven en je komt ze tegen in alles waarmee wij ons omringen. Een set kruiskopschroevendraaiers of bitjes voor de schroefboormachine is dan ook onmisbaar voor elke doe-het-zelver.

De kruiskop: één principe, twee uitvoeringen

Zoal de naam al zegt, is de kop van dit type schroef voorzien van een kruisvormige uitsparing. Deze vorm biedt aanzienlijk meer houvast aan de schroevendraaier of het bitje van de schroefboormachine dan de traditionele gleufkop. Hierdoor kun je meer kracht zetten, de schroef valt niet zo gauw van de schroevendraaier en je kunt sneller en veiliger werken. Kruiskopschroeven zijn er in twee soorten: de Philips en de Pozidriv. Laten we ze eens vergelijken en zien welke het handigste is voor welke klus.

Philips

De eerste kruiskopschroef werd in 1936 gepatenteerd door de Amerikaan Henry Philips. Het werd al gauw de favoriete schroef in de auto-industrie en is in Amerika nog steeds de meest gebruikte schroef. Een Philips schroefkop heeft een uitsparing in de vorm van een kruis en is ‘zelfcentrerend’, wat wil zeggen dat de schroevendraaier vanzelf vast blijft zitten. Omdat de inkeping niet erg diep is, kan de schroevendraaier er echter nog steeds uitschieten wanneer je kracht zet.

Pozidriv

Dit probleem komt minder voor bij de verbeterde versie van de Philips: de Pozidriv, die in de jaren zestig van de vorige eeuw op de markt werd gebracht. Behalve een dieper centrum, heeft deze schroefkop vier extra gleufjes in de vorm van een ster, waardoor de grip wordt verbeterd. In Europa is de Pozidriv tegenwoordig de meest voorkomende schroefkop.

Wel type gebruik je waarvoor?

Zowel Philips als Pozidriv schroeven zijn geschikt voor hout, metaal en allerhande plaatmaterialen. Maar er zijn kleine verschillen die ervoor zorgen dat één van de twee voor bepaalde werkzaamheden de voorkeur geniet. Een Philipskop heeft langere sleuven, wat hem handiger maakt voor een schroevendraaier, terwijl de Pozidriv met zijn diepere centrum wat makkelijker werkt met een schroefboormachine. Schroeven met Philips gaat iets sneller omdat het minder secuur werken vereist. Door professionals worden voor gipsplaten gewoonlijk Philips schroeven gebruikt en voor spaanplaat Pozidriv. Deze laatste geeft meer grip, waardoor je beter kracht kunt zetten en de schroef ook in horizontale positie op de schroevendraaier of het bitje blijft zitten.

Tips

  • Aan welke kruiskop je ook de voorkeur geeft, de voordelen gaan verloren wanneer je niet de juiste schroevendraaier of het passende bitje gebruikt. Ga geen Philips te lijf met een Pozidriv bitje of andersom. Dat is vragen om beschadigingen en andere problemen. Meer informatie over bitjes voor schroefboormachines kun je vinden in ons artikel Op elke schroef past een bitje.
  • Als je een schroefboormachine gebruikt, begin dan langzaam en verhoog de snelheid wanneer de schroef pakt. Zo voorkom je dat de schroef wegschiet of de schroefkop beschadigt.
  • Meer tips? Hier vind je 15 boor- en schroeftips, van de lucifertruc voor losse schroeven tot beproefde manieren om dolgedraaide schroeven los te krijgen.